

01-12-2001
Aan de weg tussen de Dom en het Centraal Museum in Utrecht ligt een organisch gegroeid gebouwencomplex waarin de ruimtelijke structuren, materialen en detailleringen uit verschillende bouwfasen zijn te herkennen: zoals van de middeleeuwse Paulusabdij (kloostergang, -hof en muurwerk), van de negentiende-eeuwse verbouwing tot gerechtsgebouw door Christiaan Kramm (de monumentale gevel en voordeur) en van de ingrijpende verbouwing en uitbreiding door de Rijksgebouwendienst uit de jaren vijftig en zestig (traphal met mozaïekvloer van travertijn en sgrafitto wanddecoraties, stalen kozijnen en de hele ruimtelijke organisatie). De arrondissementsrechtbank die er jaren was gehuisvest is eruit getrokken. De rechtbankmeubelen zijn overgedragen aan het Instituut Collectie Nederland. Het hele complex is thans eigendom van de gemeente Utrecht.
De gemeente wenst op deze centraal gelegen locatie haar gemeente- en rijksarchieven onder te brengen die nu nog buiten het centrum van Utrecht zijn te vinden aan de Alexander Numankade. Het complex dient daartoe ingrijpend te worden verbouwd. De binnenhof wordt daarbij opgeofferd om voldoende vloeroppervlak te verkrijgen en ook de rest van de inwendige organisatie van het gebouw gaat verloren.
Deskundigen onderkennen de architectonische waarde van de onderdelen die binnenkort gesloopt of aangepakt zullen worden, zoals de voormalige kloosterhof (deze wordt overdekt en voorzien van vloeren voor depot, studiezaal en museumzaal), een achttiende-eeuwse overkapping (moet wijken in verband met een 'cosmetische correctie' van het bouwvolume) en de indrukwekkende traphal uit de jaren vijftig met de vrij uitkragende, betonnen wenteltrap, die op subtiele wijze de niveauverschillen tussen de diverse bouwdelen maskeert (wordt gesloopt vanwege het verlies van zijn functie in de huidige planontwikkeling). Ondanks deze kwaliteiten van het oude interieur is het uitgangspunt bij de verbouwing: alles moet weg!
Barbara Laan